Samenwerking loont: weidevogelstand stabiel

De weilanden en akkers zijn nog leeg, maar de eerste kieviten en wulpen laten zich weer horen boven de lege weilanden en akkers in Noord- en Midden-Limburg. Naar verwachting zal weldra weer de eerste melding binnenkomen van het eerste kievitsei. Verleden jaar was dat op 10 maart in Friesland. In Limburg gebeurde dat vier dagen later in het gehucht Haler in de gemeente Leudal, waar Kees van der Ham het eerste nestje vond.

Nu de weidevogels als kieviten, wulpen en scholeksters zich weer opmaken voor paarvorming, lopen de eerste vrijwilligers in Limburg zich weer warm voor het jaarlijkse beschermingswerk. Naast het markeren en beschermen van de nesten is voorlichting aan boeren cruciaal voor dit beschermingswerk.

Afgelopen jaar waren 154 mensen betrokken bij de Limburgse weidevogelbescherming. In totaal namen ze 809 nesten onder hun hoede. Dat waren er 17 meer dan voorgaand jaar. Met 718 nesten was de kievit de meest algemene weidevogel Het jaar daarvoor ging het nog om 666 beschermde nesten. Daarnaast werden 22 nesten van grutto’s, 19 wulpennesten en 40 scholeksters beschermd. Dat staat in het jaarverslag weidevogelbescherming dat de stichting Instandhouding Kleine Landschapselementen in Limburg, IKL met hulp van actieve beschermers over 2012 heeft opgesteld.

Sinds de jaren negentig trekken in maart lokale vogelbeschermers, in nauwe samenspraak met agrariërs het Limburgse boerenland in om de nesten van karakteristieke weidevogels als de kievit, wulp, grutto en scholekster te zoeken. Ze doen dit leuke, maar vooral nuttige werk om te voorkomen dat er nesten sneuvelen in de drukke voorjaarsperiode van boeren en loonwerkers op akkers en weilanden. De vrijwilligers sporen de nesten in de landbouwgebieden op en markeren ze met een stok. Op deze wijze kunnen boeren om de gemarkeerde nesten heen werken bij het zaaien, poten, bemesten of maaien van het gras.

Verleden jaar gingen zeventien groepen vrijwilligers in nauw overleg en samenspraak met de boeren het veld in. In totaal waren in 2012 58 vrijwilligers en 96 boeren actief. Het mooie van dit werk is dat samengewerkt wordt en dat beschermers met boeren praten in plaats van over.

Was 2011 al een extreem voorjaar voor de grutto’s vanwege het voedselgebrek door het droge en warme voorjaar. In 2012 was dat niet veel beter. In 2011 kwamen werden er nog 28 gruttonesten beschermid. Verleden jaar was dat gekelderd tot 22. dDe wulp deed het niet veel beter met 19 nesten, terwijl dat het jaar daarvoor nog om 26 nesten ging. De kievit blijft de meest algemene weidevogel met 718 nesten. Hiervan kwamen in totaal 486 nesten uit. Dat is bijna 68 procent, waaruit blijkt dat dit werk wel degelijk zinvol is. Dat is nadrukkelijk te danken aan de goede samenwerking tussen boeren, loonwerkers en vrijwilliger. Doordat de nestplaatsen voorzien zijn van stokken als markeringsteken weten de boeren hoe ze rekening kunnen houden met de vogels en hun eventuele jongen.

Afgelopen jaar ging het dankzij het gefaseerde en gesubsidieerde maaibeheer in de peelregio om 26 wulpennesten. In 2010 waren het er twaalf. De scholekster blijft met 38 nesten stabiel: in 2010 waren het er 37. Overigens nemen vogelaars bij dit beschermingswerk ook andere vogels mee, zoals de gele kwikstaart, veldleeuwerik en roodborsttapuit.

Weidevogelbeschermers gezocht
Mensen die zich ook willen gaan inzetten voor de bescherming van deze voorjaarbodes zijn nog altijd welkom bij de diverse vogelwerkgroepen die in Noord- en Midden-Limburg actief zijn.
Meer informatie : ikl@ikl-limburg.nl of 0475 -386430

De meest complete toeristische en recreatieve website van Limburg en de euregio!