LANDGRAAF – De Limburgse havengemeenten erkennen het economisch belang van de Limburgse binnenhavens en werken daarom sinds februari 2011 aan een gezamenlijke Uitvoeringsagenda Havenbeheer. Onder regie van de Provincie is in samenwerking met de Limburgse havengemeenten en Rijkswaterstaat Limburg een gezamenlijke Havennetwerkvisie Limburg 2030 opgesteld. GS hebben deze visie in haar vergadering van 2 oktober 2012 vastgesteld.
Twee logistieke knooppunten
De Limburgse gemeenten investeren in de komende twee jaar al €30 miljoen in de havens. Dit is het gevolg van een landelijke subsidieregeling met cofinanciering door de Provincie Limburg.
Het Limburgse havennetwerk bestaat uit de twee logistieke knooppunten. Noord-Limburg met de containerhavens Wanssum en Venlo en Zuid-Limburg met de containerhavens in Born en Stein. Deze beide knooppunten fungeren voor de mainports als extended gate. Dat wil zeggen dat de goederen die in de zeehavens, aankomen, zo snel mogelijk kunnen worden doorgezet naar het achterland. Daarmee is Limburg ook aantrekkelijk als vestigingsplaats voor bedrijven en creëren de havens werkgelegenheid.
Topsectorenbeleid
Zowel in de regio Venlo-Venray ( 1.125 ha) als in de regio Sittard-Geleen-Stein (1.280 ha, inclusief Chemelot) bevinden zich grote logistieke bedrijventerreinen met vele Europese distributiecentra. Logistiek is een constante factor van werkgelegenheid. Betrouwbaar, snel, kostenefficiënt en op een duurzame wijze goederen van A naar B verplaatsen zijn de aanjagers van de vernieuwing in de supply chain. In het economische beleid van de Provincie Limburg wordt aangehaakt op het nationale Topsectorenbeleid. Logistiek is een van de vier topsectoren waar gefocust wordt op zaken als vergroting van de concurrentiekracht, acquisitie, innovatiebevordering en onderwijs en arbeidsmarkt.
Conclusie
De Havennetwerkvisie concludeert dat met de huidige en geplande capaciteit, de containerhavens tot 2030 op orde zijn. Dat wil zeggen zij kunnen de verwachte groei van de containerstromen als gevolg van de uitbreiding van de havens Rotterdam en Antwerpen voldoende opvangen. De knooppunten zijn voldoende geëquipeerd en bedienen samen de hele provincie Limburg. Ook het aantal huidige buikhavens geeft voldoende dekking voor de overslag van bulk en er zijn dus geen ‘witte vlekken’ voor wat betreft de overslaglocaties voor de binnenvaart. Wel geeft de visie aan dat een doorontwikkeling van de huidige knooppunten op een aantal punten noodzakelijk is. Marktpartijen zullen aan de slag moeten met een betere samenwerking en afstemming in de logistieke keten (optimalisatie, flexibiliteit, bundelen van stromen). Ruimte voor overslag over water zal gevonden moeten worden door betere onderlinge afstemming van gemeenten en het revitaliseren van bedrijventerreinen. Met de Maaswerken en de investeringen in de havens wordt de bereikbaarheid en toegankelijkheid geoptimaliseerd. Voor- en natransport vindt altijd nog via de weg plaats en zo benoemt de visie ook een aantal infrastructurele knelpunten over de weg. Hier wordt in Limburg ook hard voor gelobbyd in Den Haag.
Gerelateerde berichten:
- Feest- en brugdagen steeds belangrijker voor Attractiepark Toverland
- Nederlanders steeds langer maar vooral zwaarder
- Nog steeds kleine kans dat KMS in Weert blijft
- Makers speelfilm Gluckauf zoeken nog steeds figuranten
- Steeds meer wilde katten in Limburg
- Steeds minder vlinders in boerenland
- Aantal overnachtingen in Valkenburg aan de Geul nog steeds in de lift
- Via Belgica steeds meer zichtbaar
